Kerntransformatie te paard

Door Livia Benders

 

Na een krachtige zwengel komt het pijltje uiteindelijk tot stilstand boven het woord ‘kerntransformatie’. Voor mij ligt een cirkelvormig bord met basisbehoeften erop – een aangepaste versie van de piramide van Maslov. Zelfontplooiing, kennis, waardering, veiligheid, fysiologische behoefte en kerntransformatie zijn de smaken.

 

Agnes de Groot, equitherapeut en paardencoach, pakt een kaart van de stapel en leest voor: “Welk oordeel heb je soms naar anderen?” Ze kijkt me vragend aan. Stilte. Als Agnes doorheeft dat ik dit als een retorische vraag heb opgevat is het A.’s beurt.

 

A., een lang meisje van rond de dertig, komt nu al ruim drie jaar eens in de twee weken naar De Vertakte Boom in het Noord-Brabantse Bakel voor de ‘yoga te paard’-sessies met Agnes. Ook bij A. blijft het pijltje steken op ‘kerntransformatie’. “Op welk oordeel betrap jij jezelf weleens?” leest Agnes hardop van haar kaartje.

 

Twee vragende ogen kijken haar kant op totdat A. de stilte verbreekt: “dan moet je me even op weg helpen. Oordeel, wat is dat precies? Dat woord ken ik niet.”

 

Na een korte uitleg stopt Agnes de kaarten in haar twee achterzakken en seint ons achter haar aan te lopen. Ze draagt stevige enkelhoge Timberlands en A. trekt snel nog haar speciale wandelschoenen aan. Ik kijk naar beneden en zie mijn pasgelakte donkerrode teennagels. Ik dacht dat yoga, zoals in elke studio in Amsterdam, een activiteit op blote voeten zou zijn.

 

Hals over kop was ik vertrokken uit mijn appartement toen ik op de routeplanner zag dat er vanuit Helmond maar eens in het uur een bus reed naar Milheeze. Op het nippertje haalde ik de bus naar Amsterdam centraal en toen begon mijn drie-urige tocht naar Bakel. Bus naar Centraal, trein naar Utrecht, overstappen, trein naar Helmond, bus naar Milheeze en tenslotte 25 minuten lopen naar de Vertakte Boom. Al wandelend kom ik alleen een molen en wat koeien en geiten tegen. Ik zet de knallende muziek die ik in mijn oren heb uit en hoor alleen het knarsen van de steentjes onder mijn slippers en het geruis van de maisplanten in de wind.

 

Andere schoenen dus. Ik doe een graai in mijn tas en zie tot mijn verbazing dat ik in alle haast ook nog mijn jute espadrilles mee had gegrist. Triomfantelijk houd ik ze in de lucht. Twee afkeurende blikken. “Dan moet je extra mindful zijn zodat je voeten niet worden vermorzeld.”

 

Twee grote paardenkoppen steken uit de luiken van de schuur. Een van de donkerbruine Nolly en de ander van de lichtere Rosita. Nolly is 22 en Rosita 24 – in mensenjaren is dat bejaard. Rosita heeft een probleem met haar spijsvertering. Ze wordt steeds magerder.

 

Rosita mag alvast wat in het veld grazen terwijl wij beginnen aan de opwarming. “Handen in de lucht, voel de zonnestralen op je palmen”, begint Agnes in licht gebroken Nederlands. Drieëntwintig jaar geleden emigreerde ze vanuit Polen naar Nederland. Na een studie landbouw in Warschau, deed ze in Nederland de opleiding pedagogiek, gevolgd door een master in equitherapie – therapie met paarden – en een vierjarige opleiding tot yogadocent. “Rol je rug wervel voor wervel af totdat je de grond raakt met je handen.”

 

Het is zover. A. lijnt Rosita aan om haar onze kant op de leiden. Geen beweging. Haar grote kop schudt heen en weer. Nog eens: ze trekt zachtjes aan het touw, deze keer met meer zelfvertrouwen in haar pas. Rosita zet haar ene hoef voor de andere en komt een meter verder weer tot stilstand. “Mogen wij je helpen?”, vraagt Agnes. Als twee schaapsherders gaan we ieder aan een paardendij staan en plots begint Rosita te lopen.

 

“Nu gaan we borstelen”, kondigt Agnes aan. Op een picnic-tafel midden in het veld staat een grote bak met verschillende borstels. Ik pak er een uit en wil beginnen met borstelen, maar word zachtjes tegengehouden. “Zij kiest meestal zelf de borstel”, legt Agnes uit. Wie? A.? “Nee, Rosita”.

 

Ik houd de bak voor haar snuit. Ze briest en kijkt me aan. Uiteindelijk landen haar twee enorme neusgaten op het kleinste borsteltje. “Dat is een borstel voor de manen”, legt A. uit. Geduldig werk ik door de blonde klitten heen. Rosita laat het allemaal gebeuren. Rustig is ze als we haar optuigen. “Ik weet waarom ze net niet wilde lopen.” klinkt er opeens van achter mij. “Dat kwam door mij”, zegt A..

 

A.: “Als ik Rosita zo zie dan krijg ik gewoon een soort van medelijden. Ze is zo mager geworden.”

 

Agnes: “Okee”

 

A.: “En daar word ik dan weer onzeker van omdat ik bang ben dat ik haar pijn doe en daar reageert ze weer op.”

 

Agnes: “Ja, kijk. Zorgen dat is sowieso wel jouw ding.”

 

A.: “Ja, ik maak me snel zorgen.”

 

Agnes: “Maar Rosita is niet jouw verantwoordelijkheid hè, zij is mijn verantwoordelijkheid. Dus laat het maar los”

 

We beginnen met lopen. Agnes en A. aan weerszijden van Rosita’s voorpoten. Touw in hand. Ik aan haar linkerdij. “Elke keer als zij een stap zet met haar linker achterpoot, dan doe jij dat ook. Probeer maar synchroon te lopen met het paard en je ademhaling daarop aan te passen.”

 

Pets…pets….pets… Elke twee stappen slaan haar stugge staartharen tegen mijn gezicht. “Wil je op het paard zitten?” Via een krukje klim ik op haar rug. Mijn voeten hangen losjes naar beneden. “Doe je ogen maar dicht en let op je ademhaling. Laat Rosita je leiden.” Mijn heupen bewegen mee op het ritme van haar pas. Met mijn ogen dicht is het een stuk lastiger om mijn balans te houden. “Oh kijk, Rosita stopt. Je hebt iets los te laten.” Ik doe een paar ujjayi ademhalingen die ik van mijn lessen in Amsterdam gewend ben en ja hoor. Rosita zet de pas er weer in.

 

“Waar ben je nu?”

 

“Ik denk ongeveer halverwege het veld naast de tafel.”

 

“Doe je ogen maar open.”

 

“Joh! Ik dacht dat ik helemaal daar ergens stond”, wijs ik naar de verte.

 

We staan stil. “Wil je proberen om een rondje te draaien op het zadel zodat je met je neus naar de achterkant wijst?” Rustig zwaai ik mijn ene been over haar kop en mijn andere been over haar bil. Ik zit achterstevoren. “leun nu maar voorover totdat je met je wang op haar rug leunt.”

 

Gehoorzaam doe ik wat Agnes zegt en laat mijn armen en benen ontspannen bungelen. Ik geef me over. Rosita begint te lopen met mij als een zak aardappelen hangend over haar onderrug. Mijn handen strijken bij elke pas langs haar zachte dijen. Wat een enorm beest. Wat een krachtig dier. Het voelt als een grote berenknuffel, zoals je ze ziet bij van die berenfluisteraars op National Geographic. Ik laat de oxytocine over me heen wassen als een heerlijke warme deken en voel me dieper en dieper wegzakken in totale ontspanning. 

 

De yoga te paard sessie is afgelopen. We tuigen Rosita af en strijken neer op de stoeltjes op de veranda. Agnes graait mijn kaartje uit haar achterzak.

 

“En Livia, welk oordeel heb jij soms naar anderen?”

Kerntransformatie te paard